Diefstalpreventie

Diefstalpreventie OldtimerVerzekering

Om in aanmerking te komen voor een vergoeding als de oldtimer wordt gestolen, eist een verzekeraar een aantal eisen aan diefstalpreventie.

Oldtimer taxatiewaarde tot € 25.000,-

Bij een waarde van je oldtimer tot € 25.000,- is een beveiligingssysteem niet verplicht.

Taxatiewaarde vanaf € 25.000,- tot € 50.000,-

Bij een waarde van de oldtimer van € 25.000,- tot € 50.000,- verplicht de verzekeraar een SCM 1 goedgekeurde startblokkering. Als je de oldtimer altijd in de garage stalt, wanneer de oldtimer niet wordt gebruikt, is SCM 1 niet nodig. Als je geen SCM 1 ingebouwd hebt of dat niet wil laten inbouwen kun je de oldtimer ook goed beschermen met een SCM goedgekeurde mechanische diefstalbeveiligingssysteem of een startlock met geheime contactsleutel.

Taxatiewaarde vanaf € 50.000,- tot € 100.000,-

Bij een waarde van € 50.000,- tot € 100.000,- verplicht de maatschappij een SCM 3 goedgekeurd alarmsysteem. Ook hier geldt dat als je de oldtimer altijd binnen in de garage stalt, SCM 3 niet nodig is. Als je geen SCM 3 hebt of dat niet wilt laten inbouwen, kun je de oldtimer ook beschermen met een SCM goedgekeurd mechanisch diefstalbeveiligingssysteem. Een startlock met geheime contactsleutel is geen goedgekeurd systeem en daarom kan de kwaliteit daarvan niet gegarandeerd worden.

Taxatiewaarde vanaf € 100.000,-

Bij een waarde vanaf € 100.000,- verplicht de maatschappij altijd een SCM 4 goedgekeurde startblokkering met Track & Trace systeem.

SCM Klasse 1 (startonderbreker)
Een elektrisch systeem met een dubbele automatisch inschakelende blokkering: een onderbreking van de startmotor en een andere, extra blokkering in de meeste gevallen op de brandstofvoorziening. Het systeem heeft geen inbraakdetectie en geen alarmering. Bij voertuigen die vanaf de fabriek zijn voorzien van een goedgekeurde startblokkering werkt deze op het motormanagement.

SCM Klasse 2
Een automatisch inschakelende dubbele blokkering (net als SCM Klasse 1), aangevuld met een inbraakdetectie met alarmering (sirene).

SCM Klasse 3
Naast de beveiliging van SCM Klasse 2 heeft klasse 3 een aanvullende sabotagesignalering en hellingdetectie. De sirene die voor de akoestische signalering zorgt, bevat een ingebouwde noodstroomvoorziening. De verbinding tussen de centrale en de sirene vindt plaats via een gecodeerd signaal. Als de draad tussen de sirene en de centrale wordt doorgeknipt, zal de sirene afgaan op de noodstroomvoorziening.

SCM Klasse 4 en 5
Een SCM Klasse 4 of 5 systeem is altijd een combinatie van een SCM Klasse 1,2 of 3 systeem + een voertuigvolgsysteem. Het verschil tussen klasse 4 en 5 is dat bij een klasse 5 systeem het voertuigvolgsysteem wordt geactiveerd als het alarm afgaat. Bij een klasse 4 systeem is dat niet het geval. Het voertuigvolgsysteem wordt bij klasse 4 systemen geactiveerd door een bewegingssensor of na een melding van diefstal door de eigenaar.

SCM Klasse 4:
SCM Klasse 1 + Voertuigvolgsysteem
SCM Klasse 3 + Voertuigvolgsysteem dat niet geactiveerd wordt door het klasse 3 alarm
SCM Klasse 5:
SCM Klasse 3 + Voertuigvolgsysteem dat wel geactiveerd wordt door het klasse 3 alarm

Meer informatie over beveiliging en alarm